Feest van de Heilige Familie 

Francis De Witte

december 2025

feest Heilige Familie

Beste medegelovigen

We komen net van de feesttafel. Ik hoop dat ieder van u deze week de geboorte van Jezus met familie en vrienden of kennissen heeft mogen vieren. En als dat niet het geval was, hoop ik dat je de warmte van het Kerstfeest toch op een andere manier hebt mogen voelen. Je hoort het overal tijdens reclamespots: 'It's the most wonderful time of the year.’ En toch zou een realist durven stellen dat de tijden somber zijn….


Wie het nieuws volgt, beseft dat we in een wereld vol onrust leven. Oorlogen die maar niet willen stoppen en andere die ons angst inboezemen, gezinnen die onder druk blijven staan, jongeren die op zoek blijven naar houvast en die zich soms overbodig voelen. Generaties die verder uit elkaar drijven. We praten over elkaar en niet meer met elkaar in steeds ruwer wordende bewoordingen. Nooit eerder had iedereen het grote gelijk en wist niemand nog wat de waarheid is.

 

Terecht - denk ik - klinkt de vraag die velen bezighoudt: waar is de hoop? En misschien nog eerlijker: hoe kun je hoop houden als je ze niet ziet? De lezingen van vandaag zijn geen makkelijke teksten. Ze doen geen beloftes van snelle oplossingen. Maar ze reiken ons elk op hun eigen manier iets anders aan: een diepere, stillere hoop – een hoop die niet schreeuwt, maar draagt.

 

De eerste lezing uit Jezus Sirach lijkt op het eerste gezicht eenvoudig: ‘Eer uw vader en uw moeder’. Het klinkt bijna ouderwets, op het randje van het moraliserende af. Mijn leerlingen beginnen al met hun ogen te draaien als ik met de 10 woorden van Mozes af kom. Maar Sirach spreekt niet zomaar over gehoorzaamheid maar over verbondenheid tussen de generaties. Over zorg dragen voor wie ouder wordt en over trouw blijven aan relaties, ook wanneer ze moeilijk zijn. “Wie zijn vader eert, verzoent zijn zonden.” “Wie zorg draagt voor zijn moeder, verzamelt schatten.”

In donkere tijden is het precies dat wat vaak verdwijnt: geduld, respect, zorg voor elkaar. Sirach herinnert ons eraan dat hoop niet begint met grote woorden of spectaculaire daden maar met kleine, concrete keuzes: luisteren naar elkaar, vergeven, nabij blijven. Hoop groeit waar mensen elkaar niet loslaten. 

 

De tweede lezing, uit de brief aan de Kolossenzen, gaat nog een stap dieper. Paulus richt zich tot een jongere christelijke gemeenschap die het ook niet gemakkelijk had. Hij zegt hen niet: ‘verander eerst de wereld’ maar wel ‘bekleed uzelf met barmhartigheid - écht graag zien is dat - met goedheid, met nederigheid, met zachtheid en met geduld. Met andere woorden: laat hoop zichtbaar worden in hoe jullie met elkaar omgaan. Geen woorden, maar daden!

Paulus weet dat gemeenschappen kwetsbaar zijn. Gezinnen, parochies, samenlevingen kunnen een plaats van warmte zijn, maar evenzeer van conflict en pijn. Net daarom wijst hij op liefde als een verbindende kracht. Niet liefde als een vaag gevoel of liefde tussen twee pubers die elkaar net gevonden hebben. Liefde als de bewuste keuze om de ander ruimte te geven, om niet alles te laten escaleren en om elkaar te blijven zien als mens.

Maar die liefde dragen wij als christen niet alleen. Paulus zegt dat ons leven geworteld is in Christus, niet in wat we moet bewijzen. Hoop is hier geen optimisme, maar vrijheid. De vrijheid om niet alles zelf te moeten dragen. De vrijheid om te geloven dat het laatste woord niet gesproken wordt door angst.

En laat angst nu net een kerngevoel zijn in het evangelie vandaag. Enkele dagen geleden kwamen we nog samen om de geboorte van Jezus te vieren. Adeste Fideles, kwamen we allen tezamen jubelend van vreugde. Vandaag blijft geen spaander over van dat bijna idyllische beeld daar aan die voederbak. 

De hetze van enkele weken geleden rond de kerststal in Brussel heeft me geraakt. Sinds de eerste kerststal onder de heilige Franciscus van Assisi in 1223 zijn we de ware betekenis ervan stelselmatig (stapje voor stapje) gaan verliezen. Niet het gezellige, warme, knusse samenzijn op een heuglijk moment maar wel de zichtbare armoede, kwetsbaarheid van God werd verbeeld voor de ongeletterde inwoner van Assisi. We leven jammer genoeg in een wereld die keer op keer, jaar na jaar geactualiseerd kan worden in die kwetsbare, erbarmelijke start van Jezus’ leven.

Die kwetsbaarheid wordt nog extra uitvergroot in het evangelieverhaal van vandaag; zonder twijfel het meest confronterende moment uit alle schriften vandaag. De woorden rond geboorte van Jezus zijn nog niet koud of we horen al verhalen over geweld, dreiging en vlucht. Een kind dat moet weggebracht worden. Ouders die alles achterlaten om hun kind te beschermen. Jezus begint zijn leven als vluchteling.

Dit is een uiterst rauwe realiteit. En precies daar gebeurt iets beslissends: God kiest ervoor om niet buiten het lijden te blijven. Niet boven de geschiedenis te staan, maar er middenin te wonen. Hoop verschijnt hier niet als licht dat de duisternis meteen verdrijft, maar als een kwetsbaar leven dat bewaard blijft – tegen alle verwachtingen in. Jozef krijgt dromen, geen zekerheden. Hij krijgt geen kaart, geen garanties, alleen genoeg licht voor de volgende stap. 

Vandaag eren we de Heilige Familie om wie ze waren en wat ze gedaan hebben. Jozef droomde, luisterde en handelde. Maria zweeg, vertrouwde en ging mee op pad. Jezus was gezegend met de zorgen van zijn moeder, zijn vader maar ook van zijn Vader met de grote V. Want ook de heilige familie ging niet alleen op pad. God is aanwezig, zelfs - en misschien juist - wanneer het leven onveilig is.  Hoop is leven vanuit een verbondenheid die sterker is dan angst.

En dat is misschien wel een sleutel voor ons vandaag. Hoop is vaak niet weten hoe het verder moet, maar toch opstaan. Toch verdergaan. Toch vertrouwen op wat je nog niet ziet.

Hoop is blijven kiezen voor menselijkheid, ook als de wereld hard wordt.

En ja, soms zie je die hoop niet. Soms voel je haar niet. Maar dat betekent niet dat ze er niet is. Zoals een zaad in de grond. Zoals een kind op de vlucht. Zoals een mens die opstaat na de doop, nog nat, nog onzeker, maar niet meer alleen.

Mogen wij in deze sombere tijden mensen zijn die hoop dragen – niet luid, niet triomfantelijk, maar trouw.

Moge wij geloven dat God ook vandaag aanwezig is, niet aan de rand, maar midden in onze kwetsbaarheid. En mogen wij, stap voor stap, leven alsof het licht ons al tegemoetkomt.

Amen.